Cannelloni met ricotta en spinazie

Aantal personen: 
4
Moeilijkheidsgraad: 
Makkelijk
Voorbereidingstijd: 
35 minuten
Bereidingstijd: 
15 minuten
Ingrediënten: 
600 g spinazie, grof gesneden
2 knoflookteentjes, geplet
1 el olijfolie
peper & zout
400 g ricotta
175 g geraspte Grana Padano
8 cannelloni-rolletjes
2 el gehakte peterselie
Voor de bechamelsaus
3 el boter
3 el bloem
1 liter melk
nootmuskaat
Ingrédients: 
600 g d’épinard, coupé gros
2 gousses d’ail, écrasées
1 cs d’huile d’olive
poivre & sel
400 g de ricotta
175 g de Grana Padano râpé
8 rouleaux-cannelloni
2 cs de persil haché
Pour la sauce béchamel
3 cs de beurre
3 cs de farine
1 litre de lait
noix de muscade
poivre & sel
Bereiding: 

Smelt de boter en roer er de bloem onder. Al roerend lichtjes bruin laten worden op een zacht vuurtje. Roer er dan beetje bij beetje de melk onder, tot je een glad mengel hebt. Ongeveer 10 minuten laten pruttelen. Breng de saus tot slot op smaak met peper, zout en nootmuskaat. Bak de look aan in de olijfolie. Voeg de spinazie en peterselie toe en laat dit bakken tot alle vocht verdwenen is. Lichtjes af laten koelen en er dan de ricotta en 125 g Grana Padano onder mengen. Op smaak brengen met peper en zout. Kook de cannellonirolletjes beetgaar in zoutwater en vul ze met het spinaziemengsel. Lepel wat bechamelsaus in een ovenschotel, zodat de bodem bedekt is. Leg er de cannelloni in. Verdeel daar de rest van de saus over en bestrooi met de resterende Grana Padano. Plaats de schotel 15 minuten in een voorverwarmde oven van 180°.